2°C

Volg ons op
social media

Berlijnplein: op een unieke manier bouwen aan een bruisend cultuurhart

In 2017 was Berlijnplein nauwelijks meer dan een zeven meter diepe kuil. Inmiddels staan er tijdelijke circulaire gebouwen en wordt er een uitdagend en innovatief cultuurprogramma aangeboden. En dat is nog maar het begin. De ambitie is hoog: Berlijnplein in Leidsche Rijn Centrum wordt een nieuw cultuurhart. Niet alleen voor dit stadsdeel, maar voor de hele stad Utrecht en daarbuiten. De gemeente trekt er maar liefst 45 miljoen euro voor uit. De betrokken wethouders Anke Klein, Klaas Verschuure en Eelco Eerenberg vertellen erover.

Tekst: Jeroen Junte | Beeld: Nina Slagmolen, Rogier Boogaard en Mariska Kerpel

“Het gaat al decennialang over ‘de overkant van het Kanaal’ in Utrecht, zegt Klaas Verschuure, verwijzend naar de fysieke scheiding tussen Leidsche Rijn en de binnenstad. Als wethouder heeft hij onder meer Leidsche Rijn en Ruimtelijke Ontwikkeling in zijn portefeuille. “Dat gaat nu eindelijk veranderen. Voor Berlijnplein moeten bewoners van de binnenstad of Lombok voor de spannende en vernieuwende cultuur naar Leidsche Rijn komen. Omgekeerd zullen de cultuurmakers van Berlijnplein doorstromen naar instellingen in de rest van de stad. En het mooie is, dat gebeurt nu al.”

Vorm volgt ambitie

De afgelopen jaren werd met placemaking door diverse cultuurinstellingen vormgegeven aan Berlijnplein. Zo zijn er vanaf de start exposities, festivals, markten en buurtactiviteiten georganiseerd door stadslab RAUM. DePlaatsmaker sloot aan als kwartiermaker en beheerder van de tijdelijke paviljoens op het plein. Vervolgens kwamen daar de makers van Goede Vrijdag, innovatief adviesbureau Jonge Honden en welzijnsorganisatie Buurtwerkkamer bij. Met Het NUT (Nieuw Utrechts Toneel), de dansgezelschappen IRC, 155 en SHIFFT, kunstenaarsinitiatief OP& en festivalorganisatie Grasnapolsky is er nog voordat de nieuwbouw is begonnen al een volwaardig cultureel en maatschappelijk aanbod. “Uit sectoronderzoek is gebleken dat in Utrecht met name behoefte is aan theater, beeldende kunst, dans, mode en design. Daarmee speelt Berlijnplein in op een vraag van de hele stad”, licht cultuurwethouder Anke Klein de programmatische invulling toe. Maar daarmee houdt de sturende hand van de gemeente ook zo ongeveer op.

Voor Berlijnplein moeten bewoners van de binnenstad of Lombok voor de spannende en vernieuwende cultuur naar Leidsche Rijn komen. Omgekeerd zullen de cultuurmakers van Berlijnplein doorstromen naar instellingen in de rest van de stad.

Klaas Verschuure
Wethouder

Bijzonder is dat Berlijnplein door middel van co-creatie wordt ontwikkeld. Er is geen vastomlijnd ontwerp maar zitten deze gebruikers om de tafel met de architect en ook de aannemer om samen dat cultuurcomplex vorm te geven. Wethouder Klein: “Met dit principe van Vorm volgt ambitie willen wij benadrukken dat deze plek letterlijk in ontwikkeling is, omdat de verschillende disciplines en achtergronden elkaar beïnvloeden en stimuleren. En dat blijven ze ook doen. Door deze cross-disciplinaire en bottom-up ontwikkeling ontstaat er iets daadwerkelijk nieuws – iets wat er nog niet is in Utrecht en zelfs niet landelijk.”

Anke Klein, Klaas Verschuure en Eelco Eerenberg

Circulaire principes

Wethouder Eelco Eerenberg (onder meer Vastgoed en Leidsche Rijn) spreekt dan ook liever van “een plek dan een gebouw”. Cultuur ziet hij als een optimale proeftuin voor deze innovatieve gebiedsontwikkeling. “Cultuurmakers zijn immers van nature gericht op experimenteren. Wat uniek is aan Berlijnplein is dat er naast een theatergezelschap of de HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht) een adviesorganisatie zit die zich buigt over maatschappelijke vraagstukken die leven in de wijk. Dan wordt innovatie en experiment veel breder opgepakt. Dat zo’n adviesbureau denkt: misschien kan ik wel theater inzetten voor een meeting met een klant. Omgekeerd pikt dat theatergezelschap door zo’n samenwerking weer nieuwe signalen op uit de samenleving.”

Door de circulaire uitgangspunten bouwen wij met Berlijnplein niet voor de komende vijftig jaar, zoals er tot nu toe altijd werd gedaan, maar voor de eeuwigheid. Dat is onze verantwoordelijkheid als gemeente.

Eelco Eerenberg
Wethouder

Wat wél vast staat bij de ontwikkeling van Berlijnplein is een circulaire aanpak. Dat betekent dat er zo min mogelijk steen of beton wordt gebruikt, maar bij de bouw gebruik wordt gemaakt van duurzame materialen die telkens weer opnieuw gebruikt kunnen worden. “Zo bouwen wij met Berlijnplein niet voor de komende vijftig jaar, zoals er tot nu toe altijd werd gedaan, maar voor de eeuwigheid.” Natuurlijk zijn er onzekerheden en waarschijnlijk gaan er ook hobbels zijn, weet ook wethouder Eerenberg. “Dat hoort nu eenmaal bij innoveren. Maar wij zouden wel gek zijn om deze kans voorbij te laten gaan.” Inmiddels is er ook een economische noodzaak om circulair te bouwen. “De grondstoffen worden steeds duurder, wat noopt tot een herbezinning. Bovendien, wij hebben als gemeente een verantwoordelijkheid om te laten zien dat circulair bouwen niet alleen kan maar ook unieke mogelijkheden biedt. Uiteindelijk moet dit ook door de markt wordt opgepakt.”

Toekomst van de stad

Door de ontwikkeling van het cultuurcluster op basis van co-creatie en circulariteit weet feitelijk nog niemand hoe dat nieuwe cultuurhart eruit gaat zien. Veel beleidsmakers zou dat slapeloze nachten bezorgen. Bij Berlijnplein wordt deze onzekerheid juist omarmd, is de ferme uitspraak van Verschuure, die als wethouder ook de Circulaire economie onder zich heeft. “Berlijnplein moet zich kunnen aanpassen aan steeds weer nieuwe gebruikers en gebruikerseisen. De stad verandert en dus verandert de cultuur mee. Ik ben niet zweverig. Maar bij Berlijnplein gaat het echt niet om de bestemming, oftewel de uiteindelijke gebouwen, maar om de reis ernaartoe.” Op wijkniveau speelt een adaptief gebouw bovendien in op de veranderende bevolkingssamenstelling van Leidsche Rijn. Er komt straks een grote golf van jong volwassenen aan. “Circulaire bouw biedt ruimte om onderdelen van het gebouw te vervangen. De architectuur is immers losmaakbaar en herbruikbaar.”

Inhoudelijk sluit de circulaire aanpak aan bij De toekomst van de stad, het verbindende thema van het cultuuraanbod van Berlijnplein. “Hoe gaan wij de stad schoner en leefbaarder maken? Hoe gaan wij om met klimaatverandering? Door te kiezen voor circulaire ontwikkeling stimuleren wij de maatschappelijke discussie hierover”, aldus cultuurwethouder Klein. Daarnaast gaat De toekomst van de stad over minder tastbare maatschappelijke vraagstukken als inclusiviteit en eenzaamheid. “Onderwerpen die direct aansluiten bij de leefwereld van bewoners van Leidsche Rijn en ook de rest van de stad. Berlijnplein moet een plek zijn waar mensen worden geprikkeld, misschien zelfs wel worden uitgedaagd, maar tegelijkertijd ook ontspanning vinden. Want dat is het bijzondere van kunst en cultuur – dat het helpt om tot nieuwe inzichten te komen.”

Dynamische wijk

Met deze opzet wil Berlijnplein een plek zijn waar bezoekers geen passieve consument zijn, maar een actieve deelnemer. “Dat kan door over de schouder van de kunstenaar mee te kijken, maar ook door zelf een streetdance cursus te volgen.” Berlijnplein is meer dan alleen een gebouw of zelfs een ontmoetingsplek.” Het moet “een gemeenschap” worden volgens Verschuure. “En hopelijk nemen bezoekers van buiten de wijk deze dynamiek mee naar hun eigen leefomgeving”, vult zijn collega Klein aan. “Bij een wijk die zich dynamisch ontwikkelt hoort ook dynamische kunst. Dit jaar is er dus heel iets anders te zien, te horen en mee te maken dan volgend jaar. Of dan volgende week zelfs.”

Berlijnplein moet een plek zijn waar mensen worden geprikkeld, misschien zelfs wel worden uitgedaagd, maar tegelijkertijd ook ontspanning vinden. Want dat is het bijzondere van kunst en cultuur – dat het helpt om tot nieuwe inzichten te komen

Anke Klein
Wethouder

Dat uitgerekend Leidsche Rijn is gekozen voor deze duurzame gebiedsontwikkeling op basis van culturele co-creatie is dan ook een doordachte keuze. Eerenberg: “Deze voortrekkersrol past bij Leidsche Rijn, een dynamische wijk waar nog steeds volop wordt gebouwd. Nu kan ook de rest van de stad, de regio en het land concreet ervaren dat dit een spannende plek is om te wonen.” Maar ook voor de wijkbewoners moet Berlijnplein een onmisbare schakel worden naar creativiteit en inspiratie. Leidsche Rijn is meer een geplande wijk waar veel van het openbare leven strak is georganiseerd. Als een soort contramal is juist hier behoefte aan een informele plek om de dagelijkse sleur te doorbreken, om je te laten verrassen, meent Verschuure. “Berlijnplein voorziet in een menselijke maat in de wijk. Het is de laatste stap van Leidsche Rijn naar een volwaardig tweede stadscentrum.”

Op 18 mei 2022 is de samenwerkingsovereenkomst voor de realisering van Berlijnplein getekend en is het consortium bekend gemaakt dat de gebouwen en publieke ruimte gaat ontwerpen, bouwen en beheren.

Anke Klein is als wethouder betrokken vanuit de portefeuilles financiën en cultuur

Klaas Verschuure is als wethouder betrokken vanuit de portefeuilles ruimtelijke ontwikkeling, Leidsche Rijn en circulaire economie

Eelco Eerenberg is als wethouder betrokken vanuit de portefeuille vastgoed en als wijkwethouder van Leidsche Rijn

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief